Update onderzoek osteosarcomen

Update februari 2017

We hebben in 2 osteosarcoom cellijnen bekeken wat het effect is van de MEK remmer en chemotherapie (cisplatine) afzonderlijk en vervolgens de behandelingen gecombineerd om zo te bepalen of de combinatie effectiever is dan de afzonderlijke behandelingen.
In beide cellijnen is de MEK remmer op zichzelf weinig effectief. Er is relatief veel van het middel nodig om de tumorcellen te doden. In combinatie met cisplatine zien we in één van de cellijnen geen verschil in effectiviteit t.o.v de afzonderlijke behandelingen. In de andere cellijn zien we wel dat de combinatie iets effectiever is dan de afzonderlijke behandelingen, echter het blijkt dat we niet minder chemotherapie kunnen geven in dit geval, maar slechts minder van de MEK remmer kunnen geven om evenveel tumorcellen te doden. We hadden verwacht en gehoopt dat met deze combinatie de chemotherapie effectiever zou werken en dat zien we dus helaas niet.
Ons inziens is dit dus geen veelbelovende combinatie voor vervolgonderzoek.

Voor het vervolg van dit project zouden we willen uitzoeken welke behandelingen dan wel effectiever werken in combinatie met de conventionele chemotherapie.
Hiervoor hebben we een cellijn opgevraagd die resistent is voor chemotherapie, zodat we die kunnen vergelijken met de niet resistente versie. Op deze manier kunnen we uitzoeken wat er veranderd is in de resistente lijn en zo zien op welk target we zouden moeten richten om met name de chemotherapie resistente osteosarcomen te behandelen. Dat is juist ook de groep die slechtere vooruitzichten heeft, en waarbij een verbeterde behandeling verschil kan maken.
Bovendien hebben we in de tussentijd een grote database opgezet waarin we patiëntenmateriaal en klinische gegevens verzameld hebben van ~150 osteosarcoom patiënten die in de afgelopen jaren in ons ziekenhuis behandeld zijn. We hebben daarbij ook zogenaamde ‘tissue microarrays’ gemaakt van het tumormateriaal van deze patiënten. Uit een tumor worden dan ponsjes genomen die vervolgens allen tezamen in 1 paraffine blokje gezet worden. Je kunt hiervan dan coupes snijden en vervolgens met één experiment in tumoren van veel verschillende patiënten tegelijkertijd bekijken of een bepaald target wel of niet aanwezig is. Dit geeft mogelijk nieuwe aangrijpingspunten voor het toevoegen van een middel aan de bestaande chemotherapie om de effectiviteit te verbeteren. Daarnaast kan het mogelijk inzicht geven in de prognose van patiënten, doordat we de kenmerken van de tumoren (bepaalde targets die bijvoorbeeld wel of niet aanwezig zijn) kunnen vergelijken met klinische gegevens zoals de respons op behandeling of de overleving. 

Update september 2015

We gebruiken menselijke osteosarcoomcellen in een kweekfles om het effect van bepaalde medicijnen op deze tumorcellen te onderzoeken. In het lab kunnen we een test doen die bepaalt hoeveel tumorcellen doodgaan wanneer ze behandeld worden met een bepaald medicijn.  Op dit moment hebben we deze test uitgevoerd met verschillende concentraties van de MEK remmer (de tumorgerichte behandeling die we in dit project onderzoeken) en het chemotherapeuticum cisplatine. Nu weten we dus bij welke concentraties van de afzonderlijke medicijnen de tumorcellen doodgaan en kunnen we de medicijnen in deze concentraties gaan combineren. Uiteindelijk zullen we dan kunnen berekenen of de combinatie behandeling effectiever is dan beide behandelingen afzonderlijk.

Als dit inderdaad het geval is betekent dit dat de combinatie interessant zal zijn voor osteosarcoom patiënten. Alvorens deze combinatie aan een patiënt gegeven kan worden zullen we echter nog een extra stap moeten zetten en dat is het onderzoeken van het effect van de combinatie in het lichaam (in vivo). Dit zullen we doen door gebruik te maken van een muismodel, een muis met een menselijk osteosarcoom (geïmplanteerd onder de huid) waarop we de combinatietherapie zullen testen. Indien ook dit in vivo experiment laat zien dat de combinatie van deze medicijnen effectiever is dan beide medicijnen afzonderlijk kunnen deze resultaten vertaald worden naar de kliniek.

Eerdere info:

Nieuwe behandelingsmogelijkheid voor osteosarcomen

Dr Yvonne Versleijen-Jonkers, Prof. Dr. Winette van der Graaf
Afd. Medische Oncologie, Radboudumc Nijmegen 

Het osteosarcoom is de meest voorkomende kwaadaardige bottumor die met name kinderen en jong volwassenen treft. Door de toevoeging van chemotherapie aan de chirurgische behandeling is het vooruitzicht voor patiënten met een osteosarcoom aanzienlijk verbeterd. In de laatste decennia is er echter geen verdere toename in overleving van deze, in het algemeen jonge, patiënten bereikt. Globaal geneest tweederde van hen, en de late effecten van de chemotherapeutische behandeling zijn allesbehalve verwaarloosbaar. Hoewel nieuwe doelgerichte behandelingen massaal hun intrede doen voor de behandeling van frequent voorkomende tumortypen, loopt onderzoek naar de rol van deze therapieën bij zeldzamere tumoren zoals het osteosarcoom achter. Daarom is er een grote behoefte aan nieuwe effectievere behandelingen voor deze jonge patiënten.

Recent is een nieuw doelwit aangetoond dat in de tumorcel aanwezig is en specifiek aangegrepen kan worden met een doelgericht medicijn. Eerder preklinisch onderzoek heeft uitgewezen dat dit medicijn wel effect heeft, maar nog niet voldoende effectief is om de tumor volledig uit te schakelen. We verwachten dat de combinatie van dit medicijn met chemotherapie zeer effectief zou kunnen zijn aangezien recent onderzoek heeft uitgewezen dat dit doelwit ook een rol speelt bij de resistentie tegen chemotherapie in osteosarcomen.  Daarom zouden we in dit project deze combinatie willen testen in de osteosarcoom modellen die we ter beschikking hebben.

HDKT




Facebook

Twitter

NOG
X €10,-